Hyundai i30 3-deurs 1.6 GDI i-Magine

Veel mensen begrijpen niet waarom wij soms nogal enthousiast kunnen zijn over de Koreaanse automerken. Dit is vrij simpel te verklaren. Als je met een objectieve blik naar een auto kijkt en je emotie wat betreft het uiterlijk niet laat meetellen kun je niet om de automerken Kia en Hyundai heen. Neem de Hyundai i30. Een prettig rijdende, ruime, stille, zuinige en uiterst betaalbare auto die opereert in het segment van de Volkswagen Golf. Tel daar de vijf jaar lange en driedubbele garantie bij op en hij behoort volgens ons tot één van de toppers in zijn segment. Daarom is het nu – na de Wagon – de beurt aan de driedeurs versie van deze middenklasser die met zijn spannende lijnen meer op emotie is gericht.

De nieuwe i30 is in Nederland een redelijk succes. Sinds de komst van het nieuwe model zijn er in Nederland bijna 3500 stuks verkocht. Dat zijn een dikke 1000 auto’s meer ten opzichte van de oude i30 en voor Hyundai in Nederland een prima resultaat. Toch zie je een dalende lijn in de verkopen die mede komt door de stroom aan nieuwe modellen in het populaire C segment. Denk hier met name aan de 14% bijtellingsversies van de Ford Focus en Renault Mégane aangezien de zakelijke markt dit segment domineert. Om het aanbod te vergroten is er dan nu de driedeurs versie die naast de Wagon variant moet zorgen voor extra verkopen. Om deze versie dynamischer in de markt te zetten dan zijn vijfdeurs broer, heeft Hyundai wat andere designelementen toegepast. Zo is deze driedeurs voorzien van een andere grille en lagere, sportiever getekende voor- en achterbumpers. Verder zien we ronde – in plaats van meer ovale – mistlampen en verticale dagrijverlichting. Omdat de achterportieren zijn verdwenen heeft Hyundai de taillelijn hoog laten oplopen naar achter. Op deze manier oogt de i30 driedeurs een stuk sportiever en is hij van de zijkant duidelijk te onderscheiden van de hatchback.

Na het instappen door de 17 cm langere portieren nemen we plaats in een bekend maar licht aangepast interieur. Wie kiest voor het optionele cognac lederen interieur à €1.295,-, ziet op het stuur, de versnellingspook en het dashboard dezelfde kleur verschijnen in het stiksel. Wat ons betreft voegt het zeker iets toe maar het premium sfeertje waar Hyundai naar streeft komt bij ons niet over. Persoonlijk zouden wij liever de deurpanelen en een deel van het dashboard in dezelfde kleur zien zoals dit ook het geval is bij de lichtere interieurvarianten waar de normale i30 in leverbaar is. Nu lijkt het alsof het interieur – buiten de stiksel op stuur en pook – achteraf is voorzien van lederen bekleding. Als we plaats nemen en de zitpositie instellen blijkt dit nog eens extra te worden bekrachtigd aangezien een lendesteun op deze duurste uitvoering ontbreekt. Het zitmeubilair is dus gebaseerd op de goedkoopste uitvoering en dat is jammer. Ondanks het ontbreken van de extra steun zitten de stoelen verder meer dan prima en is de zitpositie uitgebreid instelbaar door middel van een in hoogte en diepte verstelbaar stuur en de in lengte verschuifbare middenarmsteun. Deze ondersteunt de ellenbogen samen met de aflegruimte in het deurpaneel prima en ook de zithoogte is variabel. De instap naar achteren is vrij eenvoudig door de ruim naar voren te klappen voorstoelen. De zit is prima en de been- en hoofdruimte zijn voldoende. De i30 driedeurs herbergt in zijn kofferruimte minimaal 378 liter bagage. Dit is uit te breiden tot een maximum van 1316 liter waarmee hij keurig in de pas loopt met zijn concurrenten.

De driedeurs i30 is leverbaar met twee verschillende 1.6 motoren. Een diesel en een benzineversie. De Commonrail diesel levert een vermogen van 128 pk en een prima koppel van 260 Nm dat afgegeven wordt tussen de 1900 en 2750 Tpm. De geteste – direct ingespoten – benzine levert een vermogen van 135 pk en een koppel van 164 Nm bij 4850 Tpm. De 0-100 sprint van deze GDI neemt 10,2 seconden in beslag en met een topsnelheid van 192 km/u ben je zelfs op de snelweg een vlotte weggebruiker. De 1.6 laat wederom een soepele en zijdezachte indruk bij ons achter. De GDI verspreidt zijn krachten in een breed toerenbereik en overtuigt met zijn trillingvrije en stille loop. Hij is gekoppeld aan een eveneens soepel schakelende en trefzekere zesversnellingsbak waarvan de verzetten mooi zijn verdeeld en de hoogste versnelling zorgt voor een aangenaam laag toerental van 2800 tpm bij 120 km/u.  Gedurende de test sprong de 1.6 GDI vrij zuinig om met benzine al waren de koude weersomstandigheden zeker van invloed op het testgemiddelde van 1 op 16.5. Voorlopig is dit de enige benzinemotor die leverbaar is in de i30. Voor de toekomst staat een eveneens direct ingespoten 1.2 viercilinder met turbo op de planning.

Om de driedeurs extra te onderscheiden heeft Hyundai ook het onderstel aangepast voor een wat strakker rijgedrag. Dat is opvallend aangezien het weg- en stuurgedrag van de vijfdeurs al niet bepaald slecht is te noemen. Als we dan ook de nodige kilometers hebben gereden met de i30 valt het op dat het sturen nauwelijks directer is geworden en dat met name de achteras een duidelijk andere afstelling heeft gekregen. Deze is straffer en kan soms vervelend overkomen bij het afrijden van een drempel of een korte oneffenheid in de weg, De balans tussen onder- en overstuur is hetzelfde wat op de het uiterste resulteert in licht onderstuur dat na het liften van het gaspedaal wordt opgevangen door een omkomende achterkant. Het standaard aanwezige ESP systeem grijpt in dit soort situaties alert in en kan voor de “die hard” worden uitgeschakeld. Op de grote weg is de koersvastheid prima en staat het comfort op een hoog niveau. De verschillende standen in besturing (standaard vanaf i-Magine) is op deze momenten prettig en geeft je de keuze uit de standen comfort, normal en sport. Deze spreken redelijk voor zich en gelden enkel voor de besturing. Zo zal in de stand “sport” de reactie op het gaspedaal niet veranderen en lijkt de i30 enkel wat zwaarder te sturen.

Nu klinkt het misschien verwaand maar een groot punt van kritiek gaat uit richting het uitrustingsniveau van de driedeurs i30. De driedeurs is  leverbaar in drie verschillende niveaus. i-Drive, i-Drive cool en de geteste i-Magine. Normaliter is de duurste uitvoering bij Hyundai ook meteen de uitvoering waar werkelijk alle opties op aanwezig zijn. Enkel een panoramadak en metallic lak staan op de optielijst. Bij de i-Magine is dit zeker niet het geval en dat is vreemd. Als we de lederen bekleding meerekenen, kost deze driedeurs €24,290,-terwijl een gelijk uitgeruste vijfdeurs i-Vision (weliswaar zonder lederen bekleding) €22.995,- kost en de allerduurste i-Catcher €2.000,- meer kost dan de driedeurs i-Magine. Het verschil in uitrusting is dan zeer groot en al deze extra’s zijn ook optioneel niet leverbaar. Zo mist de driedeurs zaken als dynamische xenon verlichting, keyless entry, uitgebreide boordcomputer, elektrische stoelverstelling met lendesteun en bijvoorbeeld ook een sterker en beter klinkend audiosysteem. Ook het fraaie panoramadak van de vijfdeurs versie is niet leverbaar op deze driedeurs.

Als we navraag doen bij de Nederlandse importeur van Hyundai, zien we dat meer dan de helft van de i30 kopers kiest voor de Wagon. Slechts 7% gaat voor de geteste variant en dat is volgens de importeur volgens schema. Nederland blijft een praktisch ingesteld land dat wederom wordt bevestigd door de beter verkopende wagon. Ook ónze voorkeur gaat uit naar de vijfdeurs i30 of wagon versie. Niet alleen bieden deze meer praktische ruimte ook het onderstel is beter afgesteld. Hyundai had  wat beter moeten kijken naar concerngenoot Kia. Zij doen het stukken beter met de Pro_Cee’d die voor eenzelfde bedrag als de normale Cee’d dezelfde gadgets en uitrusting biedt. Denk daar ook de DCT transmissie met dubbele koppeling bij, die bij de i30 ontbreekt op de optielijst en de Pro_Cee’d is de i30 de baas.

 

 

Bekijk andere auto's van het merk of of
Bekijk andere auto's met 20% bijtelling, of met een A-label